Vous êtes ici  ›Home› Dossiers

DE REGEERAKKOORDEN ONDER DE LOEP (JANUARI 2015)

In de aanloop naar de federale verkiezingen en de verkiezingen van gewesten en gemeenschappen op 25 mei van dit jaar, heeft FEBIAC alles in het werk gesteld om de verscheidene politieke partijen te informeren over de kerndossiers die de automobielbranche aanbelangen en waarvan onze federatie verwachtte dat zij een neerslag zouden vinden in de regeerakkoorden die na de verkiezingen door de nieuwe coalities zouden worden opgesteld. Vandaag kunnen wij de analyse maken van deze regeerakkoorden en van de mate en manier waarop onze bekommernissen weerklank hebben gevonden. In de volgende hoofdstukken vindt u onze lezing van respectievelijk het federale, Brusselse, Vlaamse en Waalse regeerakkoord.

Federaal regeerakkoord: juiste prioriteiten, maar lasten voor autosector niet min...

Al bij al is de nieuwe federale regering vrij snel tot stand gekomen en oogt het regeerakkoord ambitieus. Het economische herstel is hierin hoofdprioriteit, er worden een aantal hervormingen naar voor geschoven de groei te stimuleren, nieuwe jobs te creëren, de sociale zekerheid op termijn betaalbaar te houden, en er wordt gesnoeid in het overheidsapparaat. Dit alles kon jammer genoeg niet zonder enkele belastingverhogingen, traditiegetrouw bleef de weggebruiker hiervan niet gespaard. Hieronder volgt een overzicht van de intenties en voornemens van de nieuwe centrumrechtse regering op automobielvlak, en worden ze getoetst aan het FEBIAC-memorandum.

Belastingverhogingen

FEBIAC had in haar memorandum gepleit om de verhoging van globale consumptiebelastingen te vermijden, om de consument waar mogelijk een alternatief aan te reiken teneinde de verhoging mits gedragsaanpassing te vermijden, en om te focussen op de afbouw van sectorspecifieke gunstregimes en vrijstellingen. Indien al extra geld moest gezocht worden in de transportsector, dan stond FEBIAC erop om de weg van de geleidelijkheid te bewandelen en de belastingen te spreiden zowel in de tijd als over zoveel mogelijk voertuigen/ gebruikers.

Uiteindelijk koos de federale regering niet voor een hoger algemeen btw-tarief (21%), wel voor de verbreding van de belastbare basis door het 6% btw-tarief voor renovatie enkel nog toe te passen op woningen ouder dan 10 jaar (in plaats van 5 nu). Verder worden niet alle accijnzen verhoogd, maar enkel de dieselaccijnzen (wellicht tot op het niveau van Nederland). Door te kiezen voor een benzinewagen, kan de consument deze belastingverhoging dus vermijden. De verhoging zou slechts geleidelijk gebeuren via het beproefde cliquet-systeem op diesel en pas vanaf 2016 (meerjarenbegroting oktober 2014). De wegvervoersector wordt ontzien omdat de minimumaccijnzen voor professionele diesel niet worden opgetrokken. Wel verontrustend is het voorstel om de accijnzen jaarlijks te indexeren (terwijl de belastingvermindering voor elektrische voertuigen niet wordt geïndexeerd de komende 4 jaar!). Dit kan de kostenstructuur en dus het concurrentienadeel van onze ondernemingen ten opzichte van hun buitenlandse concurrenten op termijn enorm verzwaren. Uiterste waakzaamheid is hier geboden, zoals het regeerakkoord ook aangeeft.

Vergroening wagenpark

De federale regering wil meer milieuvriendelijke voertuigen op de weg. Ze kijkt ook in eigen boezem en geeft de voorkeur aan elektrische, hybride en CNG dienstvoertuigen voor alle federale overheidsdiensten en -instellingen. FEBIAC had ook graag waterstof gezien in het lijstje. Om ook ondernemingen en werknemers ertoe aan te zetten om meer te investeren in schone voertuigen, onderzoekt de regering of het minimum bedrag inzake Voordeel Alle Aard (VAA min. €1.200, niet geïndexeerd) kan worden afgeschaft. Dit is voor FEBIAC echter onvoldoende om ultra schone, maar vaak dure wagens te ondersteunen: ook moet het minimale CO2-percentage van 4% waarmee de cataloguswaarde van het voertuig wordt vermenigvuldigd, omlaag; zoniet zullen alle wagens die meer kosten dan pakweg 30.000€, niets hebben aan de afschaffing van het minimale VAA-bedrag. In haar memorandum stelt FEBIAC ook voor om de vergroening van de autofiscaliteit door te trekken of te versterken in andere belastingstelsels:

  • Vennootschapsbelasting: vervang de huidige aftrekschalen voor bedrijfswagenkosten door 1 lineaire, technologieneutrale curve met CO2- afhankelijke aftrek. Trek de kostenaftrek voor ultra schone wagens op van 120% nu tot 130%;
  • Personenbelasting: Vervang de algemene 75%- aftrekbepaling voor wagens van zelfstandigen door de lineaire curve uit de vennootschapsbelasting. Verlaag het minimum VAA voor ultraschone bedrijfswagens van 4% tot 2% van de cataloguswaarde en van € 1.200 tot € 600 per jaar.
  • Rechtspersonenbelasting: maak de kosten voor ultraschone wagens voor 100% aftrekbaar.
  • Indirecte belastingen: vraag de EU de toelating om de particuliere aankoop van ultraschone voertuigen vrij te stellen van btw of te onderwerpen aan één van de verlaagde btw-tarieven. Stel aardgas en waterstof vrij van accijnzen op transportbrandstoffen tijdens de komende legislatuur.FEBIAC gokt op 2 paarden en pleit op gewestelijk niveau voor de invoering van een gewestelijke ecopremie van € 100 per gram CO2 onder de 70g/km, met maximaal € 7.000 bij 0g/km CO2.

Mobiliteit, ITS en verkeersveiligheid

Het spoor is zowat de laatste der Mohikanen in het mobiliteitslandschap waar het federale niveau nog overwegend bevoegd voor is. Ook het spoor moet ontvetten: zo zal het labyrint aan dochterondernemingen en participaties van de NMBS en Infrabel streng worden getoetst aan de kerntaken van het spoor en afgebouwd waar nodig. Inzake het GEN zou de exploitatie versneld worden ingevoerd en geïntegreerd in het vervoersplan. De gratis-politiek zal na Vlaanderen ook op federaal niveau worden geëvalueerd. Verder wil men een geïntegreerd openbaar vervoeraanbod en dito vervoersbewijzen organiseren, uiteraard in samenwerking met de regionale bestuursniveaus en vervoermaatschappijen.

Inzake de rol van privévervoer in het multimodale verhaal blijft FEBIAC op zijn honger zitten: enkel de fiets zal aandacht krijgen, geen woord over de rol van auto en motorfiets. Zij zullen nochtans vaak ingeschakeld worden op weg naar en van de treinstations. FEBIAC vraagt dan ook met aandrang dat voldoende parkings worden voorzien rond de treinstations, in het bijzonder degenen die deel uit maken van voorstedelijk openbaar vervoer zoals het GEN. Inzake Intelligent Transport Systems (ITS) stelt het regeerakkoord uitdrukkelijk er over te waken dat tijdig de nodige acties worden ondernomen om in België ITS in voertuigen te implementeren binnen de gebieden die door de ITS kaderrichtlijn en kaderwet zijn voorzien. Op vraag van o.a. FEBIAC krijgt eCall bijzondere aandacht, het kan een eerste concrete toepassing van EU-omvang zijn om te implementeren in ons land.

Daartoe zouden alle noodcentrales voorzien moeten zijn tegen eind 2017. Concreet wil de federale regering investeren in de kwaliteit van de behandeling van noodoproepen bestemd voor de hulpdiensten en dit via het unieke nummer 112. Daarenboven wil ze voor de noodoproepcentra, in overleg met Volksgezondheid, politie en civiele veiligheid, een meer betrouwbare ICT-architectuur die openstaat voor nieuwe technologieën en gemakkelijker en minder duur is om te laten evolueren. Verder zal het aangepaste reglementair kader gecreëerd worden om automatische oproepen vanuit wagens te behandelen en de kwaadwillige en misplaatste oproepen te verminderen. Om de oproepen meteen te behandelen en de interventies te verzekeren, zullen de noodoproepcentra en de hulpdiensten correcte basiscartografie, geografische gegevens en GIS-toestellen gebruiken.

De federale regering wil, in samenwerking met de gewesten, werk maken van grondige vereenvoudiging van de wegcode en van een nieuwe codificatie. Ook de doorlooptijd om voertuigen in het verkeer te brengen, zal worden verkort. Door de 6e staatshervorming worden het verkeersveiligheidsbeleid verder geregionaliseerd. Via een goede ongevallenanalyse – wie zal dit voortaan uitvoeren? – wil de regering de oorzaken van ongevallen beter in kaart brengen, zodat de nodige beleidsmaatregelen kunnen getroffen worden – wie zal die maatregelen nemen?

Good governance

In het FEBIAC-memorandum werd een expliciet hoofdstuk besteed aan ‘goed bestuur’. FEBIAC is dan ook verheugd dat ook de federale regering werk wil maken van de tijdige omzetting van EU wetgeving naar Belgisch recht en dat zij daarbij vooral geen strengere wetgeving invoert dan wat Europa voorschrijft. Door het vermijden van deze ‘gold plating’ en het waken over een regelgevende ‘level playing field’ worden onze ondernemingen niet extra benadeeld tov hun concurrenten binnen de interne Europese markt. Dit is een bijzonder aandachtspunt voor de automobielactiviteiten die in ons land nog omnipresent zijn en verder moeten verankerd worden.

Daarnaast moeten de overlegstructuren tussen het federale en gewestelijke niveau worden gemoderniseerd en gestroomlijnd, met het oog op de bepaling van standpunten die op Europees vlak door België worden verdedigd. Zeker in automobieldossiers (CO2, emissies, voertuighomologatie,...) is het cruciaal dat ons land de visie en bezorgdheden van de hier gevestigde automobielindustrie ernstig en ter harte neemt, en vooral meeneemt naar de Europese onderhandelingstafels.

Tot slot: het federaal regeerakkoord begint met te stellen dat de verschillende bestuursniveaus die uitvoering geven aan de 6e staatshervorming, moeten streven naar institutionele stabiliteit en verantwoordelijkheidszin. In dat verband dringt FEBIAC, samen met de betrokken private stakeholders, bij alle betrokken overheidsdiensten aan op continuïteit, overleg, coherentie in het kader van de overdracht van bevoegdheden en van diensten inzake voertuighomologatie. Er moet immers nog veel uitgeklaard worden op het vlak van gewenste structuur, werking, mensen en middelen, maar een ding moet duidelijk zijn: een voertuig homologeren in ons land kan en moet veel efficiënter en sneller verlopen in vergelijking met vroeger. De gewestelijke regeringen krijgen een unieke kans om aan te tonen dat confederalisme in de praktijk –in dit geval voertuighomologatie– beter werkt.

Het Vlaamse regeerakkoord doorgelicht

De visietekst van de nieuwe Vlaamse Regering gaat uit van 3 kernbegrippen: vertrouwen, verbinden, vooruitgaan. Voorop staat de nood aan een betere kwaliteit van water, bodem en lucht, aan een bloeiend ondernemingsklimaat met minder administratieve lasten en meer klantvriendelijkheid, maar ook, en opvallend expliciet, aan dringende infrastructuurwerken rond de grootste congestiepunten in Brussel en Antwerpen voor een vlotte bereikbaarheid en doorstroming. Van een trendbreuk gesproken...

FEBIAC vergelijkt de kernpunten akkoord met haar eigen standpunten die we naar aanleiding van de verkiezingen aan de partijen hebben bezorgd om te kijken waar er overeenstemming is en, belangrijker, waar het Vlaamse beleid nog kan versterkt worden. In het algemeen geeft het Vlaamse regeerakkoord ons vertrouwen in de nieuwe regering en wenst FEBIAC meer dan ooit in nauw overleg te gaan om de talrijke uitdagingen samen aan te pakken.

Mobiliteit en verkeersveiligheid

Net zoals in het memorandum van FEBIAC wil de Vlaamse Regering een degelijke verkeersinfrastructuur, een vlotte bereikbaarheid en doorstroming, die zowel voor de economie als voor private verplaatsingen van belang zijn. Daarbij gaat de focus naar probleemoplossende infrastructuurwerken, zeker voor Brussel en Antwerpen.

FEBIAC pleit voor een versnelde aanpak van de ontbrekende schakels in hoofdwegennet. De regeringsleiders volgen onze redenering dat ook de secundaire wegen beter moeten ingeschakeld worden in het vervoersnetwerk. FEBIAC vraagt verder een duidelijke structuur voor het wegennet waarbij de functie en de vormgeving op elkaar zijn afgestemd. De reële verkeersstromen moeten de basis zijn om de verkeersafwikkeling te verbeteren met gebruik van dynamisch verkeersmanagement, de toepassing van het groene golf principe bij verkeerslichten en geloofwaardige snelheidslimieten.

Voor het goederenvervoer is het belangrijk om de laad- en lostijden ter verruimen, stedelijke toegangsbeperkingen voor vrachtvoertuigen te harmoniseren en eindelijk een proefproject met ecocombi’s te realiseren. Geluidsarm laden en lossen in steden moet ook mogelijk zijn op verkeersluwe momenten (dagrand en ’s nachts).

Deze punten vindt FEBIAC terug in het Regeerakkoord.

Minder gelukkig is dat de Vlaamse regering blijft vasthouden aan het STOP-principe; hoewel zij alle vervoersmodi evenwaardig wil behandelen en de complementariteit wil versterken. Bovendien wordt de rol van de gemotoriseerde tweewielers stelselmatig vergeten, een groeiende en kwetsbare groep in het verkeer. FEBIAC vraagt meer aandacht op diverse vlakken: de mobiliteit van motoren en scooters is gebaat bij specifieke parkeervoorzieningen in steden. De veiligheid van motorrijders verbeteren, betekent ook de andere weggebruikers sensibiliseren en voorgezette opleidingen ondersteunen. Nu de nummerplaat voor nieuwe bromfietsen en scooters is ingevoerd, is het zaak om zo snel mogelijk het bestaande park hiermee uit te rusten.

De ketenmobiliteit moet versterkt worden met P+R’s, met prioriteit bij de multimodale knooppunten. Door in te spelen op technologische innovaties en het aanbieden van multimodale real-time-informatie aan alle weggebruikers moet de verkeersdoorstroming verbeteren, aangevuld met investeringen in ITS-maatregelen. ITS moet ingezet worden om incidenten sneller te beheren en beheersen.

Het openbaarvervoeraanbod moet meer vraaggestuurd worden en evolueren naar ‘basisbereikbaarheid’ in plaats van ‘basismobiliteit overal’. Vrije beddingen voor het openbaar vervoer zijn mogelijk voor FEBIAC maar kunnen enkel worden aangelegd als er voordien uit studiewerk blijkt dat er effectief een betere doorstroming zal zijn voor alle vervoermodi. Er moet een systeemoptimum worden nagestreefd, eerder dan een bepaalde vervoermodus te allen tijde een voorkeurbehandeling te geven.

Een veilige weginrichting kan slechts gerealiseerd worden door degelijk onderhoud en een betere analyse van de ongevallen die het uitgangspunt moet worden voor de (her-) aanleg van wegen en rotondes. De intentie om het onderhoud van de wegen versneld door te voeren, mag voor FEBIAC geen dode letter blijven, net zo min als onze vraag naar uniforme, beter leesbare en vergevingsgezinde weginrichting. FEBIAC vraagt aan het nieuw op te richten Vlaams Huis voor de Verkeersveiligheid om zijn initiatieven te stoelen op een betere accidentologie. FEBIAC verwelkomt de bijzondere aandacht voor de motorrijders en hun erkenning als zwakke weggebruikers.

Fiscaliteit en milieu

De Vlaamse Regering zal het intergewestelijke samenwerkingsakkoord honoreren en wil in 2016 een kilometerheffing invoeren voor het vrachtvervoer over de weg. Voor auto’s zal ze “onderzoeken onder welke voorwaarden op termijn op budgetneutrale wijze een kilometerheffing of een wegenvignet kan worden ingevoerd”.

FEBIAC is verheugd dat budgetneutraliteit wordt nagestreefd – dat kan niet gezegd worden van de federale maatregel om de dieselaccijnzen te verhogen – maar betreurt dat niet resoluut gekozen wordt voor een kilometerheffing voor lichte voertuigen, want dan pas zal de slimme kilometerheffing maximaal mobiliteitssturend zijn en maximaal effect kunnen hebben op de congestie. Het Waalse regeerakkoord is nog explicieter en wil niet weten van een kilometerheffing voor auto’s in deze legislatuur...

Er zit niet anders op dan stapsgewijs te evolueren naar een slimme kilometerheffing door de autobelastingen te verschuiven van aankoop en bezit naar milieuprestaties en tenslotte naar gebruik. De eerste stappen kunnen in deze legislatuur gezet worden, FEBIAC heeft concrete voorstellen:

  1. Vlaanderen moet werk maken van de vergroening van de jaarlijkse verkeersbelasting in functie van CO2-uitstoot en Euronomen, in overleg en maximaal geharmoniseerd met de andere gewesten.
  2. Teneinde ook buitenlanders mee te laten betalen voor het gebruik van ons wegennet, kan een wegenvignet worden ingevoerd voor iedereen, zoals ook Duitsland dat recent heeft voorgesteld. Voor Belgen kan dit wegenvignet verrekend worden samen met het aanslagbiljet van de jaarlijkse verkeersbelasting, een administratieve vereenvoudiging.
  3. Om de invoering van het wegenvignet budgetneutraal te maken voor Belgen conform het Vlaamse regeerakkoord, moet de BIV –jaarlijks goed voor € 400 mln– worden afgeschaft.

FEBIAC vraagt een meer diverse energie- en brandstofmix voor het transport. Investeringssteun moet de uitbouw van een dicht aardgas- en waterstoftanknetwerk versnellen. Interactieve websites en apps moeten deze distributiepunten en de publiek toegankelijke laadpalen voor elektrische voertuigen ruimer bekend maken.

België moet de recyclagekampioen blijven. Het huidige PST-systeem moet behouden blijven want het is kostefficiënt voor de producent én gratis voor de consument. De niet erkende verwerkingscentra dienen strengere boetes opgelegd te krijgen. Niet alle wrakken worden verwerkt en hiervoor is het belangrijk om het vernietigingscertificaat te koppelen aan de de opschorting van de betaling van de verkeersbelasting. Het autowrak moet als één geheel worden beschouwd en elke opsplitsing van de afvalstromen dient vermeden te worden. Geef de EV-marktspelers tijd om een doeltreffende batterijreclyclage te organiseren die de consument niet opzadelt met extra kosten.

Good governance

Het Vlaams Regeerakkoord belooft bilateraal overleg met de regering van het Brussels Hoofdstedelijk 1. 2. 3. en het Waalse Gewest over dossiers met betrekking tot mobiliteit, werk en ruimtelijke ordening die de verschillende gewesten aanbelangen. FEBIAC wenst in dat verband met hen mee te werken aan een vooruitziend, voorspelbaar, eenvoudiger en geharmoniseerd wetgevend kader. De 6e staatshervorming vereist voor automobieldossiers nog méér coherentie en overleg tussen de gewesten dan vroeger, met name op het vlak van mobiliteit, fiscaliteit en voertuighomologatie. Ook op Europees niveau, met name ter bepaling van Belgische standpunten in automobieldossiers, is er meer intergewestelijk politiek overleg nodig opdat de Belgische vertegenwoordigers in de Europese instellingen maximale steun geven aan de in België gevestigde voertuigindustrie. En vooral, er is geen nood aan méér en strengere regelgeving dan wat Europa vraagt. Alvast de Vlaamse Regering lijkt FEBIAC hierin te volgen.

Vorming en training

De visietekst van de Vlaamse Regering blijft vaag over onderwijs. FEBIAC stelt voor om in alle onderwijsinrichtingen en –netten een verplicht lessentraject ‘techniek en technologie’ in te voeren, met aandacht voor immersie, tutoring, stages en alternerend leren. De technologische en competentiecentra voor automobieltechnieken moeten nog meer toekomst georienteerd te worden. Job on Wheels stelt nu al didactisch materiaal voor het onderwijs ter beschikking en het is de taak van de Vlaamse Overheid om dit verder uit te breiden en te financieren.

De Gewestelijke Beleidsverklaring van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (BHG)

De Gewestelijke Beleidsverklaring van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (BHG) beschrijft op 120 pagina’s zijn Brussels ‘project rond duidelijke prioriteiten, sterke initiatieven en een nieuwe ambitie’. Die wil het Gewest “ten uitvoer brengen aan de hand van hervormde, performante en systematisch geëvalueerde openbare instrumenten”. We hebben hier de punten hernomen die FEBIAC aanbelangen en waarvoor we aanbevelingen hebben gedaan in het memorandum gepubliceerd ter gelegenheid van de verkiezingen.

THEMA VERKEER/WEGVEILIGHEID

INHOUD VAN HET MEERDERHEIDSAKKOORD
De regering zal zich in de eerste plaats toeleggen op de 15 drukste punten en trajecten van het gewest door de infrastructuur en het beheer van de verkeerslichten te verbeteren, rekening houdend met de dichtheid van het verkeer. Om de files aan te pakken, zal de regering de coördinatie van de werven versterken. De regering zal alles in het werk stellen opdat het Hoofdstedelijk Gewest zijn acties op het gebied van economie en tewerkstelling, mobiliteit, milieu, wegveiligheid enz. optimaal kan implementeren ...

VISIE VAN FEBIAC
FEBIAC betreurt dat het regeerakkoord zelfs niet verwijst naar de absolute noodzaak van een veilig en performant wegennet, in het bijzonder op het gebied van wegonderhoud. Wel is de vereniging tevreden over de intentie om de verkeerslichten efficiënter te beheren en de werven te coördineren. Toch wordt er nergens gesproken over de bereidheid om de oorzaken van ongevallen beter te analyseren of het verkeer op een dynamische wijze te regelen. Er wordt ook met geen woord gerept over gemotoriseerde tweewielers, die een niet te verwaarlozen alternatief bieden om de mobiliteitsproblemen, zeker in de stad, op te lossen.

THEMA PARKING

INHOUD VAN HET MEERDERHEIDSAKKOORD
De Regering zal alle mogelijke oplossingen onderzoeken om de bestaande private en openbare parkings buiten de werkuren beschikbaar te stellen voor de Brusselaars. De Regering zal bij iedere aanvraag van een gecombineerde stedenbouwkundige en milieuvergunning de verplichting opleggen te voorzien in ‘gedeelde’ parkeergelegenheid. Ze zal ook streven “naar een akkoord met het Vlaamse Gewest en Waalse Gewest om te voorzien in minstens 20.000 plaatsen op ontradingsparkings buiten de Ring.” “De Regering streeft er verder naar om 10.000 parkeerplaatsen te creëren op plaatsen waar het wegverkeer en het openbaar vervoer op elkaar aansluiten, om zodoende de intermodaliteit te stimuleren.

VISIE VAN FEBIAC
Hoewel de terbeschikkingstelling van private parkeerplaatsen (van ondernemingen) lovenswaardig is, zal ze streng moeten worden omkaderd (tarieven, uren, toegankelijkheid, beveiliging, enz.) om te zorgen dat dit geen extra kosten meebrengt voor de ondernemingen. Er zal een kadaster van gedeelde parkings moeten worden opgesteld. Het parkeerbedrijf opgericht voor het beheer hiervan zal erop moeten toezien dat de implementatie en het beheer van deze plaatsen geen schade toebrengt aan de ondernemingen. FEBIAC is tevreden over het streven naar diverse ontradingsparkings binnen het BHG (al zouden we ze eerder aanmoedigingsparkings noemen) bij het binnenrijden van de stad en in de buurt van stations (trein/bus/tram/metro). Deze vormen een onmisbare schakel voor elk mobiliteitsbeleid dat intermodaliteit wil stimuleren.


THEMA ELEKTRISCHE WAGENS

INHOUD VAN HET MEERDERHEIDSAKKOORD
De Regering zal het gebruik van elektrische voertuigen stimuleren door de privésector steun te bieden om te investeren in de plaatsing van een maximaal aantalherlaadpunten over het volledige Gewest, door de overheidsdiensten versneld prioritair te laten kiezen voor elektrische voertuigen of door Brusselaars met een elektrisch voertuig of een voertuig met lage CO2-uitstoot een gratis bewonerskaart te bezorgen.

VISIE VAN FEBIAC
FEBIAC staat gunstig tegenover de diversifiëring van energiebronnen en brandstoffen in de transportsector. Daarom zouden deze maatregelen niet enkel betrekking mogen hebben op elektrische voertuigen maar ook op andere milieuvriendelijke voertuigen. FEBIAC vraagt daarom dat de investeringen eveneens worden besteed aan de oprichting van een distributienet voor aardgas en waterstof. Bovendien moeten deze distributiepunten en de herlaadpalen voor elektrische wagens worden opgelijst en samen met alle nodige informatie (type, beschikbaarheid, tarieven) ter beschikking worden gesteld aan het publiek via een website en een app.


THEMA AUTOFISCALITEIT

INHOUD VAN HET MEERDERHEIDSAKKOORD
De Regering zal verder uitvoering geven aan het samenwerkingsakkoord van 31 januari 2014 betreffende de invoering van de kilometerheffing voor vrachtwagens op het grondgebied van de drie gewesten (ter vervanging van het huidige eurovignet) en tot oprichting van Viapass, de interregionale instelling waarvan het maatschappelijk doel bestaat uit het verzorgen van de samenwerking, de coördinatie en het overleg tussen de gewesten teneinde in 2016 de kilometerheffing voor vrachtwagens van meer dan 3,5 ton in te voeren. De Regering wenst de luchtkwaliteit voor de inwoners van ons Gewest te verbeteren. Fijn stof en luchtvervuiling zorgen voor een aantasting van de levenskwaliteit van de Brusselaars. Om hier iets aan te doen, zal de Regering met het oog op een beperking van de verkeersoverlast verder uitvoering geven aan het politiek akkoord van 21 januari 2011 en aan het samenwerkingsakkoord van 31 januari 2014. Een stadstol verantwoordt zich niet in dit kader. De bestaande verkeersbelastingen kunnen ondertussen hervormd worden ten gunste van voertuigen met goede milieuprestaties. Om de nieuwe gewestelijke fiscale bevoegdheden efficiënt te beheren en de werking ervan te optimaliseren, zal de Regering de noodzakelijke middelen ter beschikking stellen van de gewestelijke belastingadministratie zodat deze de vaststelling en de inning van de gewestelijke belastingen op zich kan nemen ...

VISIE VAN FEBIAC
FEBIAC looft het streven naar een goede samenwerking tussen de drie gewesten in dit dossier om een kilometerheffing voor vrachtwagens in te voeren. Het schrappen van een stadstol, die gezien het ontbreken van waardige alternatieven nefast is voor de economische activiteit, is eveneens een positief voornemen. FEBIAC wijst nogmaals op de absolute noodzaak en dringendheid van een verregaande herziening van de autofiscaliteit in nauw overleg met de andere gewesten. In eerste instantie moet de belasting op inverkeerstelling worden vervangen door een forfaitair elektronisch wegenvignet voor auto’s en lichte bedrijfsvoertuigen (≤3,5 ton), dat geen negatieve invloed mag hebben op het budget van de automobilisten. In tweede instantie moet de jaarlijkse rijtaks ‘groener’ worden, dit wil zeggen aangepast worden aan milieucriteria die door de EU worden erkend: CO2, Euro-normen. In de laatste fase tot slot moeten het vignet, de verkeersbelasting en een deel van de accijnzen op brandstoffen worden vervangen door een intelligente kilometerheffing die rekening houdt met de plaats en het uur van de verplaatsing, evenals de milieukenmerken van het voertuig. Om al die fiscale hervormingen tot een goed einde te brengen, dient het BHG dringend een administratie op te zetten die de perceptie van de autotaksen op zich kan nemen, desgewenst in samenwerking met de reeds bestaande fiscale administraties van de twee andere gewesten.


THEMA MILIEU/LUCHTKWALITEIT

INHOUD VAN HET MEERDERHEIDSAKKOORD
De Regering zal zich inspannen om de luchtkwaliteit in ons Gewest gevoelig te verbeteren. De Regering zal ervoor ijveren om zo snel mogelijk een einde te stellen aan de inbreukprocedure op grond van richtlijn 2008/2184 die op dit ogenblik tegen het Gewest loopt wegens het overschrijden van de emissiedrempel van fijn stof (PM10) en de jaarlijkse gemiddelde toegestane NO2-uitstoot. Er zal sterker gecontroleerd worden of de voertuigen die in Brussel rondrijden, voldoen aan de technische eisen en die met betrekking tot de uitstoot van fijn stof. Daartoe zal de Regering de mogelijkheid bestuderen gebruik te maken van intelligente camera’s. Ze zal overgaan tot een herevaluatie van de dringende maatregelen om piekperiodes van luchtvervuiling door fijn stof en stikstofdioxiden te voorkomen. Met het oog op de naleving van de normen in verband met luchtkwaliteit zal een gewestelijke lage-emissiezone worden ingesteld, om bij een voorspelling van een piek of piekperiode van luchtvervuiling, het verkeer van de meest vervuilende voertuigen te verbieden.

VISIE VAN FEBIAC
Luchtkwaliteit is een belangrijk aspect, zeker in steden. De ontradingsmaatregelen zijn een ding maar we moeten vooral streven naar een milieuvriendelijker wagenpark. De meest recente wagens (Euro 4, Euro 5) laten toe om de vervuilende uitstoot drastisch te verminderen. De Euro 6-norm dringt bovendien de uitstoot van fijne roetdeeltjes maximaal terug. De opmars van dieselmotoren is vorig jaar gestopt en benzinemotoren krijgen terug te bovenhand. Anderzijds maakten elektrische wagens, wagens op CNG (gecomprimeerd aardgas) en LNG (vloeibaar aardgas) in 2013 slechts 1,1 procent van het wagenpark uit. Met een incentivebeleid en een aangepaste laadinfrastructuur zouden deze technologieën, die perfect zijn aangepast aan gebruik in de stad, zich in de toekomst verder kunnen ontwikkelen. Dit zou veel meer effect hebben dan dure repressiemaatregelen die geen enkele impact hebben op de oorsprong van het probleem.


THEMA GOEDERENVERVOER

INHOUD VAN HET MEERDERHEIDSAKKOORD
De goederenstromen in het Gewest optimaliseren, bijvoorbeeld door de diensten voor leveringen onder bedrijven te groeperen in eenzelfde logistieke zone, toe te zien op het respecteren van de parkeerzones voor leveringen, het type voertuig aan te passen aan de stedelijke omgeving en op de terreinen van Schaarbeek- Vorming een multimodale logistieke zone (weg, spoor, water) tot ontwikkeling brengen.

VISIE VAN FEBIAC
Het is belangrijk om de kosten van het goederenvervoer te rationaliseren en optimaal gebruik te maken van de beschikbare tijd en ruimte. De toegangsbeperkingen in de stadscentra moeten geharmoniseerd worden. Hoewel het vaak negatief bekeken wordt, is en blijft goederenvervoer in die context onmisbaar. Er moeten dus doeltreffender logistieke systemen worden geïmplementeerd (stedelijke distributiecentra kunnen in dat opzicht een belangrijke rol spelen), die het mogelijk maken om de economische imperatieven en de levenskwaliteit van de inwoners met elkaar te verzoenen.

THEMA OPENBAAR VERVOER

INHOUD VAN HET MEERDERHEIDSAKKOORD
Het openbaar vervoernetwerk – zowel kwantitatief als kwalitatief – verder uitbouwen. Om de intermodaliteit tussen de weg en het openbaar vervoer te bevorderen, zal het Gewest de ‘mobiliteitsportefeuille’ invoeren, waarbij een abonnement op de MIVB / Cambio / Villo toegang biedt tot de gewestelijke openbare parkings. De Regering zal tevens ijveren voor een betere samenwerking tussen de verschillende gewestelijke operatoren (MIVB, TEC en De Lijn) teneinde de tarieven te integreren en het volledige vervoersaanbod op het Brusselse grondgebied te optimaliseren. De projecten moeten een effectieve modale verschuiving van de weg naar het openbaar vervoer mogelijk maken. De Regering wijst nadrukkelijk op de noodzaak om onverwijld een GEN-aanbod in te voeren voor het grootstedelijk gebied en de vooralsnog ontbrekende infrastructuren te voltooien.

VISIE VAN FEBIAC
FEBIAC ziet het openbaar vervoer in de eerste plaats als een middel om files in drukke zones te bestrijden. Het openbaar vervoer moet meer mikken op een oplossing voor piekmomenten dan op basismobiliteit. De beschikbare budgetten voor openbaar vervoer moeten meer worden afgestemd op een versnelde ontwikkeling van het voorstedelijke netwerk en bepaalde capaciteitsuitbreidingen. FEBIAC pleit voor comodaliteit en looft in dit verband de inspanningen om de kwaliteit van het openbaar vervoer en de inrichting van het net te verbeteren. Eigen bedlanen mogen echter geen doel op zich worden maar moeten bijdragen tot een vloeiender verkeer. De implementatie van een ‘mobiliteitsportefeuille’ is een lovenswaardig idee op zich maar zou ook de samenwerking met andere partners moeten bevorderen: autoverhuurders, Zencar, taxi’s enz. De regeringen zouden zich ook moeten buigen over een fiscaal aantrekkelijk ‘mobiliteitsbudget’ dat comodaliteit (auto’s, tweewielers, openbaar vervoer) bevordert en pendelaars de keuze biedt uit diverse aanbiedingen van een vergelijkbare kwaliteit.

THEMA RING

INHOUD VAN HET MEERDERHEIDSAKKOORD
De Regering zal structureel overleg plegen met het Vlaams en Waals Gewest over wat er verder zal gebeuren met de Ring, uitgaande van het principe dat ieder project voor de Ring tot doel moet hebben het aantal ongevallen op de Ring en het secundaire wegennet substantieel te doen dalen, de verkeersoverlast te bestrijden, met inachtneming van het Brusselse streven om de toegangswegen tot de stad om te vormen tot stadslanen, de druk van het wegverkeer in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest te verminderen ten opzichte van de bestaande situatie, de toegankelijkheid van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (in het bijzonder de Heizelvlakte en Schaarbeek-Vorming) te versterken, bij te dragen tot de naleving van de milieuverbintenissen van elk Gewest en de hinder van de mobiliteit voor de volksgezondheid te verminderen.

VISIE VAN FEBIAC
FEBIAC staat positief tegenover de herinrichting van de Ring (tussen Groot-Bijgaarden en de E19 naar Antwerpen) door de rijstroken voor transitverkeer (drie in elke richting) te scheiden van die voor lokaal verkeer (twee in elke richting). Daardoor zou het verkeer vloeiender verlopen en wordt de (met name ecologische) overlast beperkt. Wat de inrichting van het Heizelplateau en de bouw van het nieuwe stadion betreft, dringt Febiac er bovendien op aan om de oorspronkelijke capaciteit van parking C te behouden of extra parkeerplaatsen te voorzien in de omgeving van Brussels Expo, niet alleen om de toegang tot het autosalon te garanderen maar ook bij wijze van aanmoedigingsparking om pendelaars een vlotte toegang tot het stadscentrum te verzekeren met het openbaar vervoer.


THEMA BETAALD PERSONENVERVOER

INHOUD VAN HET MEERDERHEIDSAKKOORD
De taxisector een boost geven en moderniseren: het aanbod van collectieve taxi’s ontwikkelen, deze dienst een grotere zichtbaarheid verlenen, een laagprijzige taxidienst ontwikkelen, onder meer voor korte afstanden, een minimumtarief bepalen, de Brusselse taxi’s in overleg met de gemeenten algemeen toegang bieden tot de eigen busbanen, het taxigebruik promoten.

VISIE VAN FEBIAC
De wil om de taxisector op te waarderen en hun toegang tot eigen busbanen te veralgemenen is een uitstekend initiatief. De Brusselse taxi’s zijn momenteel te duur in vergelijking met hun collega’s in andere Europese hoofdsteden. Het streven om het collectieve taxiaanbod te ontwikkelen biedt een uitstekend alternatief voor sologebruik van de auto voor deur-tot-deurvervoer.


THEMA FIETSERS/WANDELAARS

INHOUD VAN HET MEERDERHEIDSAKKOORD
De Regering zal de oppervlakte en het aantal voetgangerszones over het hele Gewest vergroten om zo de Brusselaars opnieuw bezit te laten nemen van de openbare ruimte, waarbij de toegankelijkheid van de wijken evenwel gewaarborgd blijft. De Regering streeft ernaar een volwaardig gewestelijk fietsnetwerk tot stand te brengen. Meer in het bijzonder zal de Kleine Ring – over de volledige Vijfhoek – uitgerust worden met een gescheiden fietspad.

VISIE VAN FEBIAC
De creatie van voetgangerszones moet, zeker in het stadscentrum, goed uitgekiend worden om te zorgen dat het autoverkeer ernaast mogelijk blijft. Ook moet de toegankelijkheid voor leveringsvoertuigen en tot ondergrondse parkings gegarandeerd blijven. FEBIAC dringt erop aan dat de creatie van nieuwe fietspaden (een lovenswaardig initiatief trouwens) niet ten koste gaat van het wegverkeer en dat de infrastructuur om evidente veiligheidsredenen fysiek moet worden gescheiden van het wegverkeer. FEBIAC betreurt trouwens het feit dat gemotoriseerde tweewielers volledig over het hoofd worden gezien. BESLUIT We kunnen hieruit besluiten dat de gewestelijke beleidsverklaring van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor bepaalde aspecten heel wat politieke wil toont maar vaag blijft over de middelen die zullen worden aangewend om tot de vooropgestelde resultaten te komen. FEBIAC dringt er eens te meer op aan dat de sector wordt geraadpleegd, vooral op het gebied van mobiliteit, fiscaliteit en milieu, om zo tot duurzame mobiliteitsoplossingen te komen voor een stad waar alle inwoners en economische actoren harmonieus kunnen samenleven.

Beleidsverklaring Waals Gewest

In de aanloop naar de verkiezingen van 25 mei heeft FEBIAC, de Belgische Automobiel- en Tweewielerfederatie, een memorandum voorgesteld waarin ze een aantal krachtlijnen en maatregelen voorstelde om de volgende regeringen de gewenste instrumenten aan te reiken om de mobiliteit van burgers en ondernemingen op peil te houden, ons verkeer schoner, zuiniger en veiliger te maken en zo de kosten te verminderen en tegelijk onze welvaart en ons welzijn te verhogen. Vandaag nemen we de tijd om stil te staan bij de Waalse Beleidsverklaring, die op 121 pagina’s de krachtlijnen van het beleid voor de komende vijf jaar uitstippelt.

Durven

Durven is noodzakelijk om vooruit te gaan, hervormingen door te voeren en dingen te veranderen. Febiac volgt die lijn al een hele tijd door nieuwe wegen te durven voorstellen. Zo publiceerden we iets minder dan een jaar geleden de resultaten van onze eigen brainstorming in samenwerking met PwC met betrekking tot een intelligente fiscaliteit voor een betere mobiliteit, in de hoop om zo het debat te openen en ideeën aan te reiken.

Helaas voelde de Waalse regering zich niet geïnspireerd en heeft ze niet gedurfd om:

  • een intelligente kilometerheffing in te voeren die alle inkomsten van de autofiscaliteit zou vervangen. Die intelligente heffing zou het gebruik van de wagen belasten en niet het bezit ervan, zoals dat vandaag het geval is. Ze zou gebruikers aanzetten om meer na te denken over hun verplaatsingen door een tarief dat met alle factoren rekening houdt: de emissies van de wagen, de drukte op de wegen naargelang het uur van de dag, een sociale correctie voor de laagste inkomens in verhouding tot de afgelegde kilometers.
  • de auto te ondersteunen als een mobiliteitsoplossing op het niveau van alle andere vervoermiddelen. Door in de eerste plaats het gebruik van onze wagen in te perken, raakt men rechtstreeks aan onze bewegingsvrijheid, aan onze ondernemingsvrijheid.
  • het totaal van alle inkomsten van autobelastingen op een eerlijkere manier te herverdelen met een langetermijnvisie om de infrastructuur uit te bouwen: wegen, openbaar vervoer, ontradingsparkings

Innoveren

Het Waals Gewest moet innoveren om zich naar de top te hijsen of soms gewoon zijn leiderschap te behouden.

  • Opleiding is een cruciale basis voor de competitiviteit van onze ondernemingen. In het hoofdstuk tewerkstelling en opleiding van de Gewestelijke Beleidsverklaring worden de voornaamste denkrichtingen uitgestippeld. Toch willen we de aandacht vestigen op de volgende punten, die cruciaal zijn voor onze sector:

    1. Een verplichte cursus techniek en technologie invoeren voor alle richtingen en alle netwerken.
    2. Meer aandacht besteden aan praktijkervaring, mentoraat, stages en afwisselend leren.
    3. Technologische centra en competentiecentra afstemmen op de autotechniek van morgen.
    4. Didactische materialen ter beschikking stellen, financieren en groeperen zoals dat gebeurt in het kader van Job On Wheels.

  • Nieuwe motorversies op alternatieve brandstoffen (elektrisch, oplaadbaar, aardgas) werden helaas niet opgenomen in de Gewestelijke Beleidsverklaring. Hoe kan men innoveren zonder langetermijnvisie om de ontwikkeling van nieuwe technologieën te ondersteunen? Febiac pleit voor de gezamenlijke ontwikkeling van coherente bevoorradingsinfrastructuren. Een minimum aan stabiliteit en vooruitziendheid in de wettelijke context zal bijdragen tot de ontwikkeling van leefbare businessplannen, die noodzakelijk zijn voor de implementatie van deze nieuwe technologieën in ons wagenpark.

  • De recyclage van afgedankte voertuigen is een van de activiteiten waarop Wallonië hoog scoort. We stellen dan ook verheugd vast dat er in het hoofdstuk Milieu van de Gewestelijke Beleidsverklaring controles op de afvalverwerking worden voorzien. Oneerlijke concurrentie door niet-erkende actoren bestrijden, is een uitstekende manier om de competitiviteit en innovatie te stimuleren. Toch willen we ook de aandacht vestigen op twee punten die fundamenteel zijn voor het voortbestaan van onze recyclagebedrijven:

    1. Een volledige traceerbaarheid invoeren en het sloopcertificaat koppelen aan de betaling van de verkeersbelasting.
    2. Het evenwicht tussen de kosten en sociale, ecologische en economische voordelen van de verschillende actoren behouden door voorrang te geven aan gezond verstand en overleg.

Verenigen

De weggebruikers verenigen en op één lijn brengen, is alleen mogelijk door de mobiliteit beter en veiliger te maken en intelligente technologieën in te voeren. Het hoofdstuk Mobiliteit biedt enkele pistes die we met grote belangstelling volgen. Toch willen we ook de nadruk leggen op de volgende punten:

  • De mobiliteit beter en veiliger maken, betekent ook werken aan het goederenvervoer. Daarom pleiten we voor de invoering van ecocombi’s, die kunnen helpen om drukke wegen te ontlasten. Ook aangepaste leveringsuren zouden bijdragen tot een betere benutting van onze infrastructuur. Tweewielers worden vaak stiefmoederlijk behandeld terwijl hun efficiëntie op de spitsuren buiten kijf staat. We moeten onze infrastructuur beter afstellen op haar gebruikers.
  • Intelligente technologieën en automatisch rijdende auto’s zullen niet lang meer op zich laten wachten. ...

We moeten hun komst op onze wegen dan ook nu al voorbereiden door de nodige wetgeving te voorzien en de infrastructuur leesbaar te maken voor deze technologieën. Ook de invoering van het eCall-systeem vergt een aantal aanpassingen als we willen dat het levens kan redden ... Hoewel het slechts om een Gewestelijke Beleidsverklaring gaat, is ze al vrij exhaustief en gedetailleerd. Er worden verscheidene fundamentele maatregelen naar voren geschoven en dat stemt ons optimistisch. Toch vinden we dat ze nog verder moet gaan en roepen we de regering op om de actoren uit onze sector te betrekken bij het overleg om onze mobiliteit opnieuw uit te vinden met een concept waarin alle vervoersmodi harmonieus samenwerken.

Twitter

Vandaag, zaterdag, blijft het auto en motorsalon een uurtje langer open. Dus tot 20u. @AutoSalonBe #BrusselsMotorShow


Lire

RT @JLDauger: Venez me voir au Salon de l’Auto de Bruxelles sur le stand des Michel Vaillant Art Strips au Hall 1. 24 œuvres exposées, les…


Lire


Plus de 72.000 personnes ont visité le #BrusselsMotorShow ce samedi, ce qui porte le total à plus de 499.000 visite… https://t.co/S1XMbvzHG6


Lire

[COMMUNICATION OFFICIELLE] Suite à la forte affluence de ce jour, le Salon restera exceptionnellement ouvert jusqu… https://t.co/mFkotGa0Uk


Lire