De begrotingsmaatregelen die de formateur voorstelt onder het luik
inkomsten, hebben als doel om onder meer de lasten op arbeid te
verlichten.
FEBIAC is dan ook verbaasd dat de formateursnota de bedrijfswagen, voor
vele werknemers een onmisbaar werkinstrument, nogmaals hoger wil
belasten door de aanpassing van het voordeel in natura (VIN) in functie
van de CO2‐uitstoot en de waarde van het voertuig – evenwel
zonder verhoging van de lasten op de kleine voertuigen.
Nochtans werd reeds vorig jaar de berekening van het VIN herzien door
de CO2‐uitstoot van het voertuig in rekening te brengen. Dit heeft
geleid tot een verhoging van het VIN van gemiddeld 20%. Wel daalde de
gemiddelde CO2‐uitstoot van nieuwe bedrijfswagens aanzienlijk met 8%
sinds 2009.
FEBIAC betreurt dan ook sterk dat het extralegale voordeel van de
bedrijfswagen, dat net het gevolg is van de zware loonlasten in ons
land, op zijn beurt zwaarder wordt belast. Vandaag hebben 350.000
werknemers een bedrijfswagen die ze ook privé mogen
gebruiken en dat een extralegaal voordeel uitmaakt. Mogelijk worden zij
eens te meer rechtstreeks geraakt in hun nettoloon. De fiscale lasagne
wordt enkel dikker en dikker.
Zonder concrete voorstellen in de hand te hebben, en in een poging om
zicht te krijgen op de mogelijke impact voor de werknemers met een
bedrijfswagen, becijferde FEBIAC, op basis van een hypothetische
oefening die wel in lijn ligt met de principes uit de formateursnota,
de impact van een VIN van een gemiddelde bedrijfswagen (CO2 = 130 g/km,
waarde van het voertuig 25.000 euro) volgens de CO2‐uitstoot en waarde
van het voertuig. Daarbij wordt door sommigen verwezen naar het Duitse
model.
Voor een woon‐werkafstand van meer dan 25km bedraagt de huidige VIN in
België 193€ per maand, (deels) in mindering te
brengen van het nettoloon. De mogelijke VIN‐formule, volgens de letter
van de formateursnota en de geest van het Duitse model, levert volgend
resultaat op:
Maandelijkse VIN = (1% van
waarde voertuig) + ((CO2‐100) X 0,237€) = 257€
Dit cijfervoorbeeld toont aan dat het VIN van een gemiddelde
bedrijfswagen zou stijgen met ruim 30%.
Door de waarde van de auto in rekening te brengen, treft men bovendien
niet alleen de werknemers, maar ook de autosector en de federale en
gewestelijke overheden zelve door een vermindering van de omzetcijfers,
alsook door minderopbrengsten uit BTW en verkeersbelastingen.
FEBIAC wenst constructief mee te werken aan de uitwerking van een
stabiel en vooruitziend fiscaal kader op de bedrijfswagen dat rekening
moet houden met de technologische vooruitgang van de
voertuigtechnologie en zonder bedrijven en werknemers extra te belasten.
Voor meer info:
Michel Martens, Directeur Studiedienst, FEBIAC: 0478/998.940
–
mm@febiac.be